Het nulurencontract verdwijnt. Per 1 januari 2028 mag je nog maar met een minimum en een maximum aan uren werken, en dat maximum ligt hooguit dertig procent boven je minimum. Zag je ergens 2027 staan? Dat was de oude planning. De wet werd deze zomer definitief, met een jaar uitstel erin.
Klinkt als het einde van je flexibiliteit. Voor de meeste horecazaken is het dat niet, en dat komt door iets wat je in je eigen rooster kunt zien: de meeste invalkrachten draaien allang vaste uren. Zestien uur deze week, achttien de volgende, twee jaar lang. Alleen staat het nergens vast.
Precies die mensen passen straks moeiteloos in het nieuwe contract.
Wat komt ervoor in de plaats
Het bandbreedtecontract. Lelijk woord, simpel idee.
Je spreekt een minimum af en een maximum. Dat maximum mag hooguit 130 procent van je minimum zijn. Twintig uur minimum betekent dus zesentwintig uur plafond. Roep je iemand op voor meer, dan mag hij nee zeggen.
Draait iemand structureel boven zijn maximum? Dan bied je een groter contract aan. En "geen werk, geen loon" verdwijnt: je betaalt elke maand uit, ook als het een maand lang stil is.
Je min-maxcontracten gaan in dezelfde regeling op.
Nee, de cao redt je niet
Dit is waar de meeste ondernemers nog op hopen, dus daar zijn we maar meteen duidelijk over.
De horeca-cao staat de invalkracht-nuluren nu gewoon toe. In de Tweede Kamer is twee keer geprobeerd om die ruimte te behouden. Twee keer weggestemd. KHN en de bonden hebben hier niets meer te vergeven.
Payroll is ook geen achterdeur. Een payrollwerkgever moet precies dezelfde voorwaarden bieden als jij. Wat jij niet mag afspreken, mag hij ook niet.
Zo weet je waar je staat
Pak je planning van de afgelopen twaalf maanden en tel per medewerker de uren. Niet schatten, tellen. Dat gemiddelde wordt straks het minimum in zijn contract, dus je hebt het hoe dan ook nodig.
Wat je meestal ziet: twee groepen. De ene draait al jaren dezelfde diensten en heeft aan een bandbreedtecontract genoeg. De andere is de echte flex, de mensen die je twee keer per maand belt voor een bruiloft of een uitverkocht terrasweekend. Dat tweede clubje is bijna altijd kleiner dan het voelt.
Zodra je die twee groepen uit elkaar hebt, weet je precies hoeveel werk dit voor je is. Meestal minder dan gevreesd.
Nog een reden om er nu mee te beginnen: een contract dat je volgend jaar tekent, loopt dwars door 2028 heen. Als je nu al weet wie wat draait, hoef je het later niet opnieuw te doen. Welke contractvorm past, volgt dan vanzelf uit de cijfers.
Wie blijft buiten schot
Drie groepen mogen doorwerken zoals nu:
- Scholieren en studenten die gemiddeld maximaal 16 uur per week draaien
- Medewerkers onder de 18
- AOW'ers
Bij veel zaken is dat zo'n beetje het halve weekendteam. Wel even een bewijs van inschrijving in het dossier bij scholieren en studenten. Studeert iemand af, dan wordt zijn contract automatisch een bandbreedtecontract, met een minimum gelijk aan zijn jaargemiddelde.
Tot 2028 verandert er niets
Voor de duidelijkheid: morgen kun je gewoon je gang gaan. De regels voor je oproepkrachten blijven zoals ze zijn.
- Minimaal 24 uur van tevoren oproepen
- Trek je binnen die 24 uur in, dan betaal je alsnog
- Minimaal 3 uur loon per oproep, ook al was het één drukke lunch
- Na 12 maanden een aanbod voor vaste uren, op basis van het jaargemiddelde
- Werkt iemand 3 maanden op vaste momenten, dan kan hij vaste uren claimen
Het minimumuurloon staat sinds 1 juli 2026 op 14,99 euro voor 21 jaar en ouder. Vakantie-uren bouwen op met 9,6 procent, plus 8 procent vakantietoeslag.
Waar het wel gaat schuren
We gaan niet doen alsof er niets verandert. Werk je met een echt grote flexpool, seizoenszaken, festivals, catering, dan wordt dertig procent marge krap. Daar ga je iets op moeten verzinnen, en dat kost tijd.
Goed nieuws is dat je die tijd hebt. Slecht nieuws is dat je hem alleen kunt gebruiken als je weet wat je ploeg werkelijk draait.
Dus: tellen.
Of laat het bijhouden
Mr Einstein houdt je contracten en gewerkte uren bij, en checkt of het klopt met de horeca-cao. Wie hoeveel draait, wie welk contract nodig heeft, wanneer er iets afloopt. Geen spreadsheet, geen gepuzzel.
Zodat jij bezig kunt zijn met je zaak. Wat er ook op je bordje ligt.